Het is gebruikelijk om voor de benoeming van nieuwe bestuurders van middelgrote en grote ondernemingen een vacature te plaatsen met uitgebreide vereisten voor de functies. Daarmee in tegenstelling is het voor de zeer gecompliceerde en veeleisende functie van minister nog steeds mogelijk dat die slechts op basis van populariteit wordt benoemd. Dit maakt de weg vrij voor een kakistocratie.

Voorbode

Tot voor kort hebben in Aruba vanaf de Status Aparte middelmatige managers of erger de verantwoordelijkheid van ons land te dragen gehad. Zo hebben alle premiers die één of meer complete kabinetsperioden op hun naam hebben staan volledig gefaald in hun persoonlijke/familie ondernemingen. De eerste en derde konden hun gezamenlijke T-shirt onderneming niet van een bankroet redden; de tweede kon het familiebedrijf (een Spa in een groot hotel) niet voor een roemloze ondergang behoeden en de derde zag ook zijn TV-bedrijf te gronde gaan. Dat is ook logisch: indien een eigen commerciële onderneming wordt beheerd zoals zij Aruba bestuurden, kan het niet anders dan dat het bedrijf failliet gaat. Andersom geldt dat tekortschietende capaciteiten om een particulier bedrijf naar behoren te beheren een voorbode zijn voor rampzalig beleid op landsniveau. Gezamenlijk hebben deze drie ex-premiers er namelijk voor gezorgd dat Aruba een enorm bedrag aan hotelgaranties en andere gefaalde projecten moest betalen terwijl onder meer het onaantastbaar geachte AOW-fonds, de algemene ziekteverzekering (AZV) en de staatsfinanciën, ondanks een sterke economie, bijna de geest gaven.

Meritocratie

Voor het bestuur van een land moeten zoveel mogelijk de beste managers met een grondige kennis van hun vakgebied in combinatie met de nodige werkervaring worden ingezet. Die lenen zich, om begrijpelijke redenen, meestal niet voor een politieke partij. Maar in de huidige, bijzonder complexe situatie waarin geen plaats (meer) is voor partijpolitieke spelletjes, moet Aruba een dringend beroep doen op haar beste mensen, liefst zonder partijpolitieke binding. De vraag is op welke wijze dit kan worden ingevuld.

1. Allereerst moeten er vaste combinaties komen van logisch bij elkaar horende departementen. Deze veranderen niet met elk nieuw kabinet waardoor zich ook tussen de betrokken departementen een beter onderling(e) begrip en samenwerking kan ontwikkelen.

2. Op basis van die combinaties worden vacatures met strikte eisen opgesteld waarop kandidaten kunnen solliciteren.

3. De sollicitanten worden gescreend zoals dat ook in het bedrijfsleven gebeurt waarna…

4. bij meerdere kandidaten de eindbeslissing valt via een selectie door het Parlement, òf…nog simpeler en zelfs beter: door loting!

Voordelen

1. Bestuurders in dit systeem maken geen deel uit van (niet meer bestaande!) politieke partijen en worden ook niet door de bevolking gekozen. Dit betekent het einde van het fenomeen van ‘electorale verplichtingen’ waarbij overheidsbanen, terreinen of projecten op grond van campagnebeloften worden toegekend en/of vergunningen tegen campagnefinanciering ‘geruild’.

2. Vooral in het geval loting wordt toegepast voor de uiteindelijke keuze van een minister is er sprake van een situatie waarin het parlement volledig onafhankelijk staat van het bestuur. Dit maakt haar beleidsvormende en toezichthoudende rol veel effectiever.

3. De bestuurders voeren duidelijk overeengekomen taken uit, volgen daarbij de wettelijk vastgestelde procedures en leggen regelmatig rekenschap af van het gevoerde beleid volgens de principes van de democratische rechtsstaat.

Uitdaging

Zowel het eerder beschreven ‘zakenparlement’ als het hierboven geschetste ‘zakenkabinet’ zijn als zodanig onder de huidige wetgeving niet mogelijk. Vanzelfsprekend zullen de huidige partijen dit parlementair en bestuursmodel niet steunen want dat betekent hun einde. De enige manier tot realisatie van dit model (of andere, die eveneens gericht zijn op eliminatie van de politieke patronage en algemene verbetering van het bestuur) is via een (bindend) referendum. Daarvoor zijn (nieuwe?!) politieke partijen nodig die het politiek bewustzijn van de bevolking willen vergroten en bereid zijn hem een grotere participatie te verlenen aan zijn eigen toekomst, onder meer door referenda te verankeren in de wet.